Goede rassen,
slechte rassen...

Door Judith Lissenberg


Het blijkt dat instructeurs makkelijker over hun voorkeur voor hun favoriete rassen praten dan over hun afkeer van hun minder favoriete rassen. Je kunt op grond van je ervaring wel vinden dat de meeste honden van ras X agressieve gromberen zijn of veel exemplaren van ras Y labiele angsthazen, maar om dat nou ook hardop te zeggen... De Amerikaanse hondentrainer John Ross durfde het aan om in het boek 'Puppy Preschool' een lijst van goede en slechte rassen  op te nemen. Hij baseert zich daarbij op ruim twintig jaar ervaring met het trainen van duizenden honden.

Even voor alle duidelijkheid: Ross houdt van vrijwel alle rassen. Met goede rassen bedoelt hij rassen die voor de gemiddelde persoon relatief gemakkelijk te trainen en te houden zijn. Ook kruisingen van deze rassen lenen zich doorgaans goed als gezinshond. Onder 'slechte' rassen (problem breeds) verstaat hij rassen die er weliswaar prachtig kunnen uitzien en over bijzondere eigenschappen kunnen beschikken, maar die vanwege hun karakter een probleem of in ieder geval een uitdaging kunnen zijn om mee samen te leven: lastig te trainen en moeilijk in te passen in een doorsnee huishouden. Maar natuurlijk zijn er altijd uitzonderingen die de regel bevestigen.

Goede rassen

De lijst met goede rassen (in willekeurige volgorde, benadrukt Ross):

1. Golden Retriever
Gemakkelijk te trainen ras dat vooral als pup uitbundig kan zijn, maar een zacht en tolerant karakter heeft. Goldens zijn erg genegen het hun baas naar de zin te maken. Ze moeten als jachthond wel de nodige beweging krijgen.

2. Labrador Retriever
Ras dat druk kan zijn als pup maar meestal verandert in een prettige, rustige volwassen hond. Veel bereidheid om te trainen met de baas, maar minder dan de Golden dat heeft. Veel Labradors, constateert Ross, hebben een hoge pijngrens.

3. Beagle
Ross is dol op de Beagle, volgens hem een beslist niet domme geweldige huishond. Het enige nadeel van de Beagle is zijn neus, die gaat hij te pas en onpas achterna en brengt hem in de problemen. Belangrijk: voed dit ras van pup af aan goed op.

4. West Highland White Terrier
De makkelijkst te trainen Terrier, niet zo hard als veel andere Terriersoorten. Goed karakter. Leer een Westie wel al zo vroeg mogelijk dat happerig gedrag niet gewenst is. Speel geen ruwe spelletjes met dit ras.

5. Dobermann
De meeste Dobermanns zijn volgens Ross 'sweethearts': intelligent en gemakkelijke te trainen. Zijn waakhondenuiterlijk mag afschrikken, van binnen kan dit ras een geweldige 'marshmallow' zijn. De Dober heeft veel waakinstinct maar Ross raadt de huishondeneigenaar beslist af om dit instinct door training verder te ontwikkelen.

6. Sheltie
Intelligent en heel goed te trainen. De Sheltie kan echter kefferig zijn. Leer dit ras als pup al op commando stil te zijn. Pups van dit ras beschikken over erg veel energie.

7. Collie
Intelligent en goed trainbaar maar veel rustiger dan de Sheltie. Gevoelig en erg gemakkelijk op te voeden. De enige Collies met gedragsproblemen zijn volgens Ross Collies die zich vervelen. Geef een Collie iets te doen, dit is een ras dat een doel in zijn leven moet hebben.

8. Boxer
Intelligent, gevoelig en over het algemeen goed trainbaar.  Soms echter extreem energiek en onhandelbaar. Ross onderscheidt twee types: rustige en drukke Boxers. Veel honden van dit ras hebben een hoge pijngrens. Bijten en tegen mensen opspringen van jongs af aan voorkomen.

9. Poedel
Een onderschat ras meent de Amerikaanse trainer. Een Poedel is intelligent, past zich snel aan en is gemakkelijk te trainen, maar moet wel training hebben. Het is volgens Ross een vreselijke verspilling om Poedelhersens niet te laten werken. Het enige nadeel van de Poedel: de vachtverzorging.

10. Bichon Frisé
Leuke kleine en slimme hondjes die echter langzaam volwassen worden en moeilijker zindelijk te krijgen zijn dan andere rassen. Bichons zijn gewoontedieren, speels en hebben veel gevoel voor humor.

Slechte rassen

De lijst met probleemrassen die Ross samen met co-auteur Barbara McKinney van 'Puppy Preschool' heeft opgesteld ziet er als volgt uit:

1. Chow Chow
De Chow is het enige ras waar Ross echt een hekel aan heeft. Zelfs zo'n hekel, schrijft hij, dat hij de Chow Chow eigenlijk op de nummers 1, 2 én 3 van zijn lijst had willen zetten, maar daar stak McKinney een stokje voor. Ross zegt dat hij nog nooit een Chow is tegengekomen die hem niet wilde bijten. Hij vindt het humeurige en vervelende honden en onderscheidt binnen dit ras twee types: de Chow die direct agressief is en de Chow waarmee niets aan de hand lijkt totdat je iets van hem vraagt wat hij niet wil.

2. Siberische Husky
Erg mooi, lief en aanhankelijk maar ook extreem moeilijk te trainen. Dit ras accepteert volgens Ross moeilijk leiding van mensen. Ze zijn erg bijterig, zelfs al als erg jonge pup.

3. Australian Shepherd
Ross heeft zelf een Australian Shepherd en dat is volgens hem de beste hond die hij ooit heeft gehad: prima getraind, prima met kinderen, iedereen vindt het dier geweldig. Maar zijn advies: neem geen Aussie. Als dit type hond je aanspreekt, kies dan voor een Sheltie of Collie. De Australian Shepherd is namelijk een zeer intelligent, agressief, onafhankelijk 'high-energy'-ras met een sterke bewakingsdrift. Aussies vragen een enorme hoeveelheid tijd en training. Je moet dit ras steeds drie stappen voor zijn. De Australian Shepherd is nog niet zo lang officieel erkend, zijn werkinstinct is daardoor nog niet zo afgezwakt als bij veel andere rassen. Hij moet iets te doen hebben, zo niet dan krijg je een oncontroleerbare hond.

4. Akita Inu
Een harde hond met een koel, afstandelijk karakter en een lage bijtdrempel als hem iets gevraagd wordt wat hij niet wil doen. Een ras met veel agressieproblemen en een hoge pijngrens. Veel Amerikaanse trainers, inclusief Ross, zijn niet bereid om een volwassen Akita met agressieproblemen in hun les op te nemen.

5. Shar-pei
Een kale Chow, vindt Ross, hoewel dit ras volgens hem niet zo slecht als de Chow Chow is. Sommige exemplaren doen het goed in de gehoorzaamheidstraining, anderen zijn nogal humeurig. Een ras met veel vachtproblemen die het karakter kunnen beïnvloeden. Redelijk intelligent maar vraagt veel consequent handelen en doorzettingsvermogen van de eigenaar.

6. Old English Sheepdog
Lijken van buiten grappige clowns, maar zodra je iets van ze vraagt wat ze niet willen komt er een nare karaktereigenschap bovendrijven. Protestbijters. Blijven lang pup. Niet erg ontvankelijk voor gehoorzaamheidstraining. Gaat heel veel werk in zitten: als je besluit om een Bobtail te nemen ben je volgens Ross de ene helft van je leven aan het trainen en de andere helft aan het borstelen.

7. Dalmatiër
Ross zou graag hebben gezien dat Hollywood Lassie nieuw leven had ingeblazen in plaats van de 101 Dalmatiërs. Honden van dit ras hebben volgens hem onafhankelijke, grillige en onvoorspelbare karakters. Ze zijn vriendelijk als pup, maar te veel honden ontwikkelen volgens hem agressieproblemen als ze volwassen zijn.

8. Duitse Herder
Het ras dat er ieder jaar in slaagt om de meeste hondenbeten in Amerika op zijn naam te zetten. De Duitse Herder heeft een extreem bewakingsinstinct en is daardoor in potentie een gevaarlijke hond, vindt Ross. Ongetwijfeld een prima politiehond maar een slechte huishond. Duitse Herders hebben volgens Ross nogal eens de neiging om kleine honden aan te vallen. Toen hij in een dierenartsenpraktijk werkte zag hij heel wat hondjes binnengebracht worden die door een Duitse Herder waren aangevallen of zelfs gedood. De Duitse Herder is trouwens het minst favoriete ras van Barbara McKinney. Zij meent dat Duitse Herders altijd moeilijkheden zoeken, en heeft het gevoel dat ze dit ras nooit helemaal kan vertrouwen.

9. Welsh Corgi
Heel intelligent en zeer onafhankelijk ras. Corgi's zijn dol op bijten, hebben een enorme hoeveelheid energie en zijn over het algemeen weinig ontvankelijk voor training. Een Corgi is brutaal: geef hem een vinger en hij neemt je hele hand. Ondanks dat het krengen kunnen zijn is Ross dol op dit ras maar niet als huishond voor het doorsnee gezin.

10. Rottweiler en Jack Russell Terrier
Ross en McKinney konden niet besluiten welke van deze twee rassen nog op de lijst moest komen, daarom een gedeelde plaats. Ross kent geweldige maar ook verschrikkelijke honden van deze rassen. Voor beide geldt: begin heel jong met de training om problemen te voorkomen.

De Rottweiler is volgens Ross niet erg gemakkelijk te trainen. Het is een ras met veel waakinstinct dat agressief wordt als er iets van ze gevraagd wordt wat ze niet willen. Diverse trainers zijn die mening toegedaan, er is zelfs een bekende Amerikaanse trainer waar Rottweilers niet langer welkom zijn tijdens de les. Dan de Jack Russell: intelligent, agressief, hard en taai. Vasthoudende hondjes met een onafhankelijk karakter die nogal eens happen en bijten naar kinderen als ze denken dat ongestraft te kunnen doen. Vechters en keffers met een dominante persoonlijkheid en hoge pijngrens.

Nachtmerrierassen

De Engelse gedragstherapeute Gwen Bailey vertelde tijdens een lezing over probleemgedrag bij honden die ze in september in ons land hield op verzoek wat haar 'worst nightmare breeds' zijn: de Duitse Herder en de (Border) Collie. Dit zijn volgens haar twee rassen die gevoelig en heel moeilijk te socialiseren zijn. Eigenaren zouden dit volgens Bailey veel beter moeten inzien. (Border) Collies bestempelt ze als overreactief, nerveus/angstig, vaak te weinig gesocialiseerd en vatbaar voor allerlei angsten. Duitse herders idem, met daarbij nog de sterke neiging tot defensieve agressie. Dat geldt nog sterker voor de Belgische herders, maar die zie je in Engeland niet zoveel.

De socialisatie bij bovengenoemde rassen moet volgens Bailey al heel vroeg beginnen, liefst al gedurende de leeftijd van drie tot twaalf weken. Misschien is het voor een Labrador Retriever best te doen om op te groeien in een kennel, maar voor de Duitse Herder en Border Collie is dat zeker niet voldoende. Een Labrador zal volgens de Engelse therapeute tot een leeftijd van ongeveer twaalf weken vrolijk op alles afhuppelen, daarna start een angstige fase. Bij de Duitse Herder en Border Collie begint deze angstfase veel eerder. Dat betekent dat je bij deze rassen veel eerder met de socialisatie moet beginnen, waarbij het wel weer oppassen is dat de pup niet met nieuwe ervaringen overdonderd wordt.

Bron: 'Puppy Preschool, raising your puppy right  right from the start' door John Ross en Barbara McKinney © 1996, uitgever St. Martin's Press, New York.

© Dit artikel werd eerder gepubliceerd in het themanummer over rassen (december 1999) van LosVast, het contactblad van de Vereniging voor Instructeurs in Hondenopvoeding en -opleiding (O&O)
Top tien van de 'slimste' honden

1. Working Sheepdog
2. Poedel
3. Duitse Herder
4. Golden Retriever
5. Dobermann
6. Sheltie
7. Labrador Retriever
8. Epagneul Papillon
9. Rottweiler
10. Australische Veedrijvershond

Bron: De Intelligentie van Honden, Stanley Coren (1994)

(Honden met de allerhoogste praktische intelligentie, de meeste honden van deze rassen zullen in minder dan vijf keer oefenen een nieuw commando onder de knie hebben. Gebaseerd op gegevens van ruim tweehonderd deskundigen)
Top tien van de 'domste' honden

1. Afghaanse windhond
2. Basenji
3. Engelse Bulldog
4. Chow Chow
5. Barzoi
6. Bloedhond
7. Pekingees
8. Beagle
9. Mastiff
10. Basset

Bron: De Intelligentie van Honden, Stanley Coren (1994)

(Honden die het moeilijkst in de omgang zijn met de laagste praktische intelligentie, de meeste honden van deze rassen hebben tijdens de eerste training dertig tot veertig oefeningen nodig voordat ze een beetje benul hebben wat er van hen wordt verwacht. Gebaseerd op gegevens van ruim tweehonderd deskundigen)
The intelligence of dogs - rassen top honderd gebaseerd op Stanley Coren.
Klik hier voor de top honderd waarbij je door kunt klikken naar rasbeschrijvingen met videopresentaties van de American Kennel Club!